Java Apen in de Apenhof

In de Apenhof zitten een paar Java Apen. Wiesje, zij is een kruising Java – Laponder aap. Wiesje komt uit een dierenspeciaalzaak. De dierenspeciaalzaak ging failliet en de winkel moest de apen kwijt.

Wiesje kwam destijds in 1995 samen met haar moeder naar de Apenhof.

De Java aap is een van de ondersoorten van de Makaken. Ze hebben een vooruitstekende snuit en een krachtig gebit, want het zijn alleseters. Het zijn krachtig gebouwde, middelgrote dieren met niet al te lange ledenmaten.

Ze hebben onbehaarde snuiten, waarin vooral de dikke, borstelige wenkbrauwen en de, met name bij het mannetje, erg grote en spitse hoektanden opvallen. De dichte vacht beschermt hen tegen de (vochtige) kou. Java apen zijn goede zwemmers en houden erg van zwemmen, ze kunnen dit dan ook erg goed.

Ze zijn goed in gevangenschap te houden en je vindt ze ook bijna in elke dierentuin. Ze hebben een groot aanpassingsvermogen en worden in gevangenschap over het algemeen erg oud. Ze worden ook vaak als proefdier gebruikt (ook de Laponder).

Ze lijken qua gedrag erg op de Laponder apen.

Ze leven in groepen en vaak hoort men ze al van verre, omdat ze onder elkaar veel ruziën en dan tamelijk veel lawaai maken. Ze leven in tropische en subtropische gebieden, maar bewonen daar zeer verschillende leefgebieden, van laagvlakten tot aan de hooggebergten.

Het leefgebied van een groep is tussen de 25 tot 250 ha en ze komen tot een hoogte van 2000m voor. Hun voedsel bestaat voornamelijk uit zaden, knoppen en bladeren maar ook een insect, kikker of krab.

Met 4 jaar zijn Java apen geslachtsrijp. Paringen en geboorten vinden het hele jaar door plaats.

De draagtijd is ongeveer 5,5 maand en de zoogtijd ongeveer een jaar.